Publicatiedatum: 29 juni 2021

Informatie over opzet onderzoek en vervolg

De toekomstige uitvoering van onze pensioenen

In januari en april informeerden we je met onze nieuwsbrieven dat HPI, HPE en DXC de pensioenregelingen voortaan afzonderlijk willen laten uitvoeren. Zij hebben het pensioenfonds in dat kader gevraagd akkoord te gaan met de pensioenoverdracht van alle ingegane en nog niet ingegane pensioenen aan andere pensioenuitvoerders, door middel van een Collectieve Waarde Overdracht (CWO).

In deze nieuwsbrief
In de genoemde nieuwsbrieven bespraken we onder andere dat het bestuur de impact van een mogelijke CWO gaat onderzoeken. In deze nieuwsbrief informeren we je over de opzet en aanpak van dat onderzoek. Ook lichten we het besluitvormingsproces verder toe. Daarbij staat alles in het teken van zorgvuldige besluitvorming, evenwichtige belangenafweging en duidelijke communicatie aan alle deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden.

Wie is verantwoordelijk voor welke besluiten?

Pensioen is een arbeidsvoorwaarde. Daarom gaan werkgevers en (vertegenwoordigers van de) werknemers over de inhoud van de pensioenregelingen. Zij bepalen ook wie deze uitvoert. Op dit moment voert ons pensioenfonds de pensioenregelingen uit van HPI, HPE en DXC. Het besluit om deze zo mogelijk dit jaar nog bij nieuwe uitvoerders onder te brengen is een besluit van HPI, HPE en DXC. Dat besluit geldt echter onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat alle opgebouwde pensioenen, pensioenkapitalen en alle ingegane pensioenen aan de nieuwe pensioenuitvoerders collectief worden overgedragen. Over zo’n collectieve waardeoverdracht gaat het bestuur van het pensioenfonds.

Kort gezegd

de werkgevers zijn verantwoordelijk voor het onderbrengen van de toekomstige pensioenopbouw;

het pensioenfonds is verantwoordelijk voor een evenwichtige oplossing voor het onderbrengen van de opgebouwde pensioenen en kapitalen.

Onafhankelijk onderzoek door pensioenfonds
Een evenwichtige belangenbehartiging is niet alleen de inzet van het bestuur, het is ook een expliciete wettelijke verplichting. Mede daarom gaan we als bestuur van het pensioenfonds objectief en onafhankelijk na wat de consequenties zijn van een eventuele overdracht van alle pensioenen en pensioenkapitalen. In de afgelopen maanden hebben we daarvoor een diepgaand systematisch onderzoek opgezet. Onafhankelijk van de werkgevers.

Opzet onderzoek
Door vergelijking brengen we de verschillen in kaart tussen de mogelijke nieuwe pensioenuitvoerders die de pensioenregelingen in de toekomst mogelijk gaan uitvoeren en Stichting Pensioenfonds HP, de huidige pensioenuitvoerder.

Die vergelijking is nodig
a)  om de impact van een collectieve waarde overdracht (CWO) te bepalen;
b)  op basis van die analyse een besluit te nemen over een eventuele CWO;
c)  om het besluit te verantwoorden aan het Verantwoordingsorgaan, de Raad van Toezicht van ons pensioenfonds en toezichthouder De Nederlandsche Bank;
d)  last but not least om dat besluit, het besluitvormingsproces en de argumenten te onderbouwen en te verantwoorden aan alle deelnemers, gewezen deelnemers en gepensioneerden.

Kwalitatief en kwantitatief onderzoek
Het onderzoek is zowel kwalitatief als kwantitatief.

Bij kwantitatief onderzoek gaat het om zaken als de hoogte van de pensioenuitkomsten en kosten van uitvoering. Voor de vergelijking van de pensioenuitkomsten maken we gebruik van een ALM-studie (zie ook kadertekst). Populair gezegd is dit een ‘rekenmachine’ die aan de hand van alle mogelijke scenario’s van goed- tot en met slechtweerscenario’s de verwachte pensioenuitkomsten van de verschillende pensioenuitvoerders objectief berekent en objectief vergelijkbaar maakt. Voor zowel de verschillende groepen deelnemers als de werkgevers.

Bij kwalitatieve toetsing gaat het om vragen hoe bijvoorbeeld bestuur, vermogensbeheer en administratie bij de verschillende pensioenuitvoerders zijn geregeld. 
Welke administratie- en IT-systemen worden toegepast, maar ook of de nieuwe pensioenuitvoerders financieel en organisatorisch toekomstbestendig zijn.

Een ALM-studie (asset-liability management)
We gaven zojuist aan dat we in het onderzoek gebruik maken van een ALM-studie.
Deze rekent in het kader van de besluitvorming een groot aantal macro-economische scenario’s door. Met steeds andere combinaties van hoge, gemiddelde en lage groei,
inflatie, rente en rendementen. Kortom, van goedweer- tot en met slechtweerscenario’s en de gevolgen daarvan voor de financiële positie voor een lange reeks van jaren. Ook voor de cijfermatige onderbouwing van de besluitvorming over een eventuele CWO gaat het bestuur dus beslist niet over één nacht ijs.

Beslismatrixen, meetlatten en rankings
In het onderzoek maken we verder gebruik van een beslismatrix: een lijst met vaste beoordelingscriteria en een weging per criterium, om aan te geven hoe belangrijk we elk criterium vinden. Elke pensioenuitvoerder leggen we in het onderzoek langs dezelfde meetlat. Dat doen we voor zowel de middelloonregeling als de premiepensioenregeling, zodat we voor elke pensioenregeling dezelfde toetsingscriteria toepassen. Aan de hand van de scores stellen we een objectieve ranking vast. Met tot slot de toetsing van de vraag of een overdracht van de pensioenen in het belang is van de deelnemers, gewezen deelnemers, pensioengerechtigden en de werkgevers.

Strikte eisen van De Nederlandsche Bank (DNB)

Het gaat bij een eventuele CWO om de opgebouwde pensioenen en pensioenkapitalen van iedereen die bij HP of bij de rechtsvoorgangers heeft gewerkt, nu bij HPI, HPE of DXC werkt of dat heeft gedaan. Het gaat ook om de aanspraken van de partners- of ex-partners en vanzelfsprekend ook om de gepensioneerden die al van hun pensioen genieten. Kortom, een eventuele CWO betreft iedereen: jong en oud, niemand uitgezonderd. Ook daarom hechten we als bestuur het grootst mogelijke belang aan een zorgvuldige besluitvorming en een heldere verantwoording aan alle betrokkenen. DNB ziet daarop toe als toezichthouder en stelt daaraan strikte eisen:

“Met het gekozen berekeningsraamwerk is de impact van de collectieve waardeoverdracht op alle relevante groepen deelnemers goed in beeld te brengen:

  • de berekeningen hebben een voldoende lange horizon
  • de berekeningen presenteren een adequate vergelijking tussen de situatie van géén en wél een collectieve overdracht
  • de vergelijking maakt voldoende onderscheid naar de verschillende leeftijdscohorten.”

Welke besluiten en acties zijn intussen genomen en welke volgen nog?
In onderstaand globaal stappenschema zie je dat aangegeven.


 

Komende nieuwsbrieven
Natuurlijk houden we je tussentijds op de hoogte over de definitieve besluitvorming. Vanzelfsprekend met de nodige toelichting, argumenten en verantwoording.

Blijf op de hoogte!
Heb jij je privé e-mailadres al opgegeven? Dan krijg je namelijk automatisch bericht wanneer we belangrijke informatie publiceren op de website en blijf je direct op de hoogte.
Op www.hp-pensioenfonds.nl/CWO vind je verder antwoorden op veel gestelde vragen.